 |
Om nu te kunnen frezen en ook een werkelijk maatgetrouw werkstuk te krijgen moet u gebruik maken van enkele andere functies. De eerste en belangrijkste is de diameter compensatie. Hierbij wordt de werkelijke diameter van de frees in de tekening gebruikt om freesbanen te genereren om de tekenlijnen heen die de frees moet volgen. Hierdoor krijgt u dat een gat dat 10mm getekend is ook 10mm wordt en niet extra vergroot met de diameter van de frees. Hiervoor gebruikt u de functie freescorrectie op de linkerbalk. (fraserkorrektur)
|
 |
Activeer deze functie door er op te klikken en klik daarna op het object dat hiermee gecorrigeerd moet worden. U krijgt dan de keuze binnen-, geen of buitenkontour. Maak deze keuze en druk op "OK". U ziet een gestippelde lijn om de tekenlijn heen staan die aangeeft hoe de frees gaat lopen. Ziet u niets dan moet u linksonder in beeld de toets met de letter "K" activeren.
|
 |
Met deze functie kunt u nog veel meer doen. Klikt u nogmaals op het object dat u wilt aanpassen. Nu kiest u voor binnencontour en u ziet de toets "raumen" geactiveerd worden in hetzelfde ingaveveld. Als u nu hierop klikt en de functie "contour parrallel" activeert kunt u via het drukken op "OK" het veld verlaten. Nu ziet u dat het hele object wordt leeg gefreesd. Eventuele objecten in deze contour zullen als een eiland blijven staan er er zal netjes omheen worden bewogen. (fraserkorrektur-raumen-kontourparallel raumen)
|
 |
Tevens kunt u als u nogmaals deze functie activeert en op het object klikt, kiezen voor een ander manier van ruimen en wel richtingsparallel ruimen. Deze manier van ruimen biedt u de mogelijkheid om zowel "heen en weer" te ruimen dan wel alles van een kant af voor de beste oppervlakte kwaliteit. (fraserkorrektur-raumen-richtungsparallel raumen)
|
 |
In dit veld kunt u ook aangeven dan u wilt voorfrezen met of zonder automatisch nafrezen. U klikt hiervoor op de functie "schlichten" en geeft de waarde die de frees van de wand moet afblijven in "mm" in. Na drukken op "OK" ziet u een dubbele stippellijn in de tekening. Een van het voorfrezen en een van het nafrezen. (fraserkorrektur-schlichten)
|
 |
Ook kunt u in dit veld aangeven of er een inloopboog en/of een uitloopboog moet worden gebruikt en hoe groot deze moet zijn. Ook geeft u hier aan of de frees een stukje door moet frezen na het beeindigen van de contour. Dit om de reststukjes die vaak bij hardere materialen blijven staan, netjes te verwijderen. (fraserkorrektur-ein/auslauf)
|
 |
Al deze bovenstaande functies die in hetzelfde veld staan kunt u natuurlijk ook allemaal tegelijk ingeven in plaats van ze iedere keer apart te selekteren.
|
 |
Meerdere frezen gebruiken en/of daarbij een andere snijdiepte aangeven is eenvoudig te realiseren. De objecten die u wilt aanpassen in diepte of diameter, verplaatst u door ze op een andere laag te verschuiven. Dit doet u met de geometrie functies. U kunt dus gebruik maken van 256 einddiepten of verschillende frezen in een bewerking. (geometriebearbetung-verschieben)
|
 |
Op de balken staan ook nog functies om de richting van de freesbewerking en het punt waar de frees in het materiaal moet zakken te veranderen. Of om de freesvolgorde die eerder automatisch is bepaald aan te passen. Om afstanden te meten of om tekeningen te maken. Om sprongen over obstakels te maken of om relais voor koeling of afzuiging te laten schakelen. Functies en toetsen combinaties om verfijningen aan te brengen aan de bewerking. Maar deze zijn alle te specifiek om hier bij deze rode draad naar voren te brengen. Hiervoor kunt u het handboek raadplegen of de helpfunctie van de software. Deze helpfunctie geeft uitleg via het helpfile maar ook door met de rechtermuisknop op iedere toets of veld in de software te drukken.
|